Kraakbeen dat kapot is, herstelt niet vanzelf. Artsen en wetenschappers zijn daarom hard op zoek naar manieren om het lichaam een handje te helpen. Een gat in het kraakbeen kan bijvoorbeeld tijdens een operatie met cellen van de patiënt worden gevuld, zodat nieuw kraakbeen ontstaat. Maar, welke cellen zijn daarvoor het beste? Onderzoeker dr. Roberto Narcisi (Erasmus MC Rotterdam) gaat op zoek naar de beste stamcel voor nieuw kraakbeen. Het Reumafonds financiert zijn onderzoek.

Stamcellen zijn cellen in ons lichaam die nog van alles kunnen worden, ook kraakbeen. Ze worden onder andere opgeslagen in ons beenmerg, het zachte binnenste van onze botten. Het lichaam kan stamcellen gebruiken voor reparatie. Bij kapot kraakbeen gaat dat alleen niet vanzelf, omdat er geen bloed naartoe stroomt. Maar ook stamcellen die – in een operatie – naar kapot kraakbeen worden getransplanteerd, zorgen niet bij alle patiënten voor kraakbeen dat goed herstelt.

Dr. Narcisi, hoe komt het dat stamcellen niet altijd voor goed nieuw kraakbeen zorgen?

‘Uit onderzoek en ook in de praktijk met patiënten blijkt dat niet alle stamcellen hetzelfde zijn. Als een gat in het kraakbeen met de eigen stamcellen van de patiënt wordt opgevuld, weten we dus niet zeker wat het resultaat zal zijn. Wordt het goed, slecht of middelmatig kraakbeen? De wetenschap is er nog niet uit welke stamcellen het beste nieuw kraakbeen maken.’

Hoe denkt u dan de beste stamcellen voor kraakbeen te vinden?

‘Ik doe dat door te kijken naar de genetische informatie binnenin de stamcellen. Dat is nieuw, tot nu toe onderzoeken we vooral de buitenkant van de stamcel. Op die buitenkant vinden we allerlei eiwitten die kunnen aangeven wat er uit de stamcel kan ontstaan. Het probleem is alleen dat we niet precies weten welke signaalstoffen er op de stamcel moeten zitten om – in ons geval – goed nieuw kraakbeen te laten ontstaan. Daarom gaan we naar de genetische informatie in de cel kijken.’

Hoe gaat u de stamcellen genetisch onderzoeken?

‘Allereerst mogen we bij patiënten stamcellen afnemen uit het beenmerg. In die stamcellen gaan we op zoek naar de ‘streepjescode’ van onze genen. Zoals aan de kassa de streepjescode van onze boodschappen wordt afgelezen, wordt in onze cellen het DNA afgelezen. Als dat gebeurt, ontstaat er een stof die heet messengerRNA. Messenger staat voor boodschapper. Door de boodschappen van het messengerRNA weten onze cellen wat ze moeten doen. Ik ga zoeken naar die stamcellen bij wie de genetische streepjescode de boodschap geeft: dit wordt nieuw kraakbeen.’

Is al bekend welk deel van de genetische streepjescode zorgt voor goede kraakbeencellen?

‘Nee, dat is nog niet volledig bekend en ik ga dit dan ook verder in kaart brengen. In dit onderzoek kunnen we eerst de cellen selecteren op een aantal boodschappen. Daarna kweken we ze op in ons laboratorium en kijken we of er goed kraakbeen ontstaat. Zo kan ik systematisch vaststellen welke stamcellen het beste zijn.’

Wat hebben patiënten aan uw onderzoek?

‘Op korte termijn nog niet zo veel. Maar, als we eenmaal weten welke stamcellen de juiste streepjescode hebben voor het maken van goed kraakbeen, kunnen we bij patiënten op zoek gaan naar precies die cellen. Dat maakt in de toekomst de kans op een succesvolle behandeling van kapot kraakbeen een stuk groter.’