Wat is polymyalgia rheumatica?

Als je polymyalgia rheumatica (PMR) hebt, krijg je last van spierpijn en stijfheid in je nek, je schouders of je bekken. De ziekte gaat eigenlijk altijd over, maar dat kan wel 2 tot 3 jaar duren en bij sommige mensen duurt het langer.

Polymyalgia rheumatica komt bijna alleen voor bij mensen boven de 50 jaar. Vrouwen krijgen het twee keer zo vaak als mannen. Polymyalgia rheumatica wordt ook wel spierreuma genoemd.

Het is nog onduidelijk hoe polymyalgia rheumatica (PMR) ontstaat. Wel is bekend dat het niet erfelijk is.

De belangrijkste klachten bij polymyalgia rheumatica zijn:

  • plotselinge pijn en stijfheid van je nek, je schouders en je heupen aan beide kanten van je lichaam die langer dan een maand duren
  • de pijn en stijfheid zijn meestal ’s nachts en ’s ochtends het hevigst
  • vermagering en gebrek aan eetlust
  • gebrek aan energie

Polymyalgia rheumatica en arteriitis temporalis

Heb je naast de klachten van je nek, je schouders en je heupen ook hoofdpijn aan één kant van je hoofd? Dan kan het zijn dat je arteriitis temporalis (RCA) hebt. Artriitis temporalis komt bij een klein percentage van de mensen met PMR voor.

Arteriitis temporalis is een ontsteking van een bloedvat bij je slaap. Meestal is alleen het bloedvat aan één kant van je hoofd ontstoken, maar het is ook mogelijk dat je een ontsteking van de bloedvaten aan beide kanten van je hoofd krijgt.

Als er ontstekingen in (middel)grote slagaders in je lichaam ontstaan, bijvoorbeeld de aorta, aftakkingen van de aorta of andere slagaders richting je hoofd of hersenen, dan wordt dit reuscelarteriitis genoemd. Arteriitis temporalis is dus niet hetzelfde als reuscelarteriitis, maar een uitingsvorm daarvan.

Je arts baseert de diagnose meestal op de uitkomst van de klachten die je aangeeft, het lichamelijk onderzoek en het bloedonderzoek.

Bloedonderzoek

Met het bloedonderzoek wil je arts weten of er ontstekingswaarden in je bloed aanwezig zijn. Daarnaast kijkt je arts of er antistoffen in je bloed zitten. Dit zijn eiwitten die met je afweersysteem te maken hebben. Dit doet je arts meestal om andere aandoeningen uit te sluiten.

Je arts stelt de diagnose polymyalgia rheumatica (PMR) vaak op basis van onder meer je leeftijd (de meeste mensen met PMR zijn ouder dan 50 jaar), je klachten en een verhoging van je ontstekingswaarden (CRP- of BSE-waarden) in je bloed.

Polymyalgia rheumatica gaat eigenlijk altijd over. De meeste mensen hebben de aandoening 2 tot 3 jaar, maar het kan ook korter of langer duren.

Als het niet lukt om de medicijnen af te bouwen en je blijft lichamelijke klachten houden, dan is er meestal iets anders aan de hand. Je  arts zal je dan opnieuw onderzoeken om na te gaan of je misschien een andere vorm van reuma zoals reumatoïde artritis (RA) of artrose hebt.

Medicijnen

De standaard behandeling bestaat uit prednison. Soms krijg je ook ontstekingsremmende pijnstillers voorgeschreven (NSAID’s).

Hoe werkt prednison?
Prednison is een corticosteroïd (een bijnierschorshormoon). Je eigen lichaam maakt dit hormoon aan in de bijnieren. In medicijnvorm heet het prednison of prednisolon. Het heeft een sterke ontstekingsremmende werking. Met prednison verdwijnen je pijnklachten over het algemeen zeer snel, soms al op de eerste dag dat je het medicijn gebruikt. Bij spierreuma krijg je vaak een stootkuur met prednison: dat betekent dat je korte tijd een hoge dosering van het medicijn voorgeschreven krijgt. In overleg met je arts bouw je de prednison af naar een wat lagere dosering. Soms heb je meerdere stootkuren nodig omdat je klachten terugkomen.

Verkleinen van bijwerkingen
Om de kans op bijwerkingen van prednison zo klein mogelijk te houden, krijg je vaak de volgende middelen erbij voorgeschreven:

  • calcium
  • vitamine D
  • soms ook een bisfosfonaat

Geleidelijk afbouwen
Stop nooit zelf met prednison. Het afbouwen moet zeer geleidelijk gaan en in overleg met je arts. Prednison is een medicijn dat erg lijkt op je lichaamseigen bijnierschorshormoon. Als je prednison slikt maakt je lichaam minder van dit bijnierschorshormoon aan. Je moet het medicijn daarom langzaam afbouwen om je lichaam weer in staat te stellen zelf het hormoon aan te maken.
Lees meer over prednison, NSAID en bisfosfonaat

Behandelaars

Meestal is het je huisarts die polymyalgia rheumatica herkent en behandelt. Maar als hij de diagnose niet duidelijk kan stellen verwijst hij je door naar een internist of reumatoloog.
Lees meer over verschillende behandelaars

Aanvullende behandelingen

Soms merken mensen met een reumatische aandoening een positief effect van alternatieve behandelingen. Overleg altijd eerst met je arts voordat je met een alternatieve behandeling begint omdat die die bijwerkingen kan geven of een wisselwerking kan hebben met de medicijnen die je gebruikt.
Lees meer over alternatieve behandelingen

Meer informatie

Heb je vragen? Stel deze aan je huisarts of reumatoloog.

Wil je weten waar je in het dagelijks leven tegenaan kunt lopen en hoe je daarmee kan omgaan als je deze aandoening hebt?
Lees meer over leven met reuma

Heb je niet de informatie gevonden die je zocht?
Kijk bij de veelgestelde vragen over reuma

 

De medische informatie op deze site wordt samengesteld en actueel gehouden door ReumaNederland, de Nederlandse Vereniging voor Reumatologie (NVR), de Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV) en de Nederlandse Health Professionals Reumatologie (NHPR).