Is de verzekeringsarts van mening dat je mogelijkheden hebt om te werken, dan krijg je een uitnodiging voor een gesprek met de arbeidsdeskundige. Ook dan kun je een vertrouwd iemand meenemen naar het gesprek.

Aan de hand van de functionele mogelijkheden lijst die de verzekeringsarts heeft opgesteld, beoordeelt de arbeidsdeskundige wat voor werk je kunt doen. Hij selecteert minimaal drie functies die voor jou geschikt zijn en hoeveel je daarmee zou kunnen verdienen. Ook selecteert de arbeidsdeskundige functies waarvoor je, bijvoorbeeld door een bijscholing, binnen 6 maanden geschikt kunt zijn.

Vindt de arbeidsdeskundige geen of onvoldoende geschikte functies voor je, dan word je alsnog volledig arbeidsongeschikt verklaard.

De arbeidsdeskundige maakt ook een berekening: met de functies die je nog zou kunnen uitoefenen verdien je in de toekomst loon. Kun je 65% of minder van je oude loon verdienen? Dan heb je recht op een WIA-uitkering. Hoe hoog deze uitkering is, moet vervolgens berekend worden. Het arbeidsongeschiktheidspercentage geeft aan wat je nu niet meer kunt verdienen met werk. Het zegt niets over de ernst van je ziekte.